Categorie: Advies

Governance en kwaliteit van zorg

Publicatiedatum 10 maart 2009

Welk probleem lost dit advies op?

Onduidelijkheid over wat het publieke belang ‘kwaliteit van zorg’ precies is en hoe getoetst kan worden of zorginstellingen hieraan voldoen. Inadequaat intern toezicht zorginstellingen.

Wat zijn de gevolgen voor de consument?

Basisnormen versterken de positie van de consument. Als een consument weet wat hij mag verwachten van een behandeling, kan hij een zorgverlener daarop aanspreken.

Wat zijn de gevolgen voor de zorgverlener?

Zorgverleners moeten de nodige inspanningen leveren om basisnormen vast te stellen. Daar staat tegenover dat het beleggen van de (publieke) taak om basisnormen op te stellen recht doet aan hun professionele verantwoordelijkheid. Basisnormen en openbaarmaking van scores motiveren zorgverleners om zo goed mogelijk te presteren.

Wat zijn de gevolgen voor de zorgverzekeraar?

De zorgverzekeraar krijgt meer gedegen informatie in handen om selectief zorg in te kunnen kopen. Hij kan daarmee zorgaanbieders stimuleren om tot de top te gaan behoren. Daarmee kan de zorgverzekeraar zijn verzekerden meer ‘value for money’ geven.

Wat kost het?

Dit advies kan kostenneutraal worden gerealiseerd.

Wat is nieuw?

  • De opvatting dat de overheid verantwoordelijk is voor de totstandkoming van basisnormen voor kwaliteit.
  • Onderscheid van het brede begrip ‘kwaliteit van zorg’ in deelaspecten die tot het publieke domein behoren en deelaspecten die binnen het private domein vallen.
  • Een voorziening binnen het privaatrecht om het functioneren van een Raad van Toezicht aan de kaak te stellen. De opvatting dat er geen taak ligt voor de overheid om het interne toezicht van zorginstellingen aan nadere regels te binden of aan publiekrechtelijk toezicht te onderwerpen.
  • Het voorstel om een publiekrechtelijke beroepsorganisatie met verordenende bevoegdheid in te stellen, die de kwaliteitsbevordering krachtig ter hand neemt en de (publieke) taak krijgt om basisnormen voor kwaliteit vast te stellen.

Het advies is voorbereid in een projectgroep onder leiding van mw. mr. M.W. de Lint. De betrokken raadsleden waren mevrouw prof. dr. D.D.M. Braat en de heer prof. drs. R. Meijerink.

Persbericht

  • Goed bestuur voorwaarde voor betere kwaliteit van zorg

    10 maart 2009

    Toezicht op de kwaliteit van zorg moet beter. De Raad voor de Volksgezondheid en Zorg (RVZ) doet hiervoor voorstellen. De RVZ pleit niet voor méér overheidsregulering en – toezicht, maar wel voor scherpere eisen aan het interne toezicht in de zorg.

    Lees meer >

Reacties

Reactie NVZ, website NVZ d.d. 10 maart 2009

Governancerapport RVZ grotendeels in lijn met visie NVZ

De NVZ is tevreden met het rapport van de Raad voor de Volksgezondheid & Zorg over Governance en kwaliteit van zorg. “Wij beschouwen het als een steun in de rug in ons streven naar meer ruimte voor ondernemerschap en verantwoordelijkheid voor de branche,” zegt Wim van der Meeren, vicevoorzitter van de NVZ, die hedenmiddag de code voor toezicht in de zorg in ontvangst nam. Net als de RVZ constateert de NVZ dat de eindverantwoordelijkheid voor de kwaliteit van zorg om uitgebreidere bevoegdheden vraagt voor de raden van bestuur van ziekenhuizen.
Orde, KNMG en NVZ staan achter de opmerkingen van de RVZ over een terughoudende opstelling van de overheid als het gaat om intern toezicht. Van der Meeren: “Onze branche heeft al een aantal jaren een goedwerkende governancecode, die we overigens net aan het bijstellen zijn. Overheidsinmenging in interne aangelegenheden moet en kan beperkt blijven. Onze eigen governancecode voorziet al in veel van de dingen die de RVZ nu noemt en de andere suggesties nemen wij graag mee bij de aanpassing van onze code. We weten al dat zo’n 80% van de zorginstellingen de code volgt, maar we gaan er nog scherper op toezien dat alle ziekenhuizen zich eraan houden.”

Niet regelen wat al geregeld is

De NVZ is het eens met de RVZ dat belanghebbenden ergens terecht moeten kunnen met een klacht over het niet functioneren van een raad van toezicht, vindt Van der Meeren. “De raad van toezicht behoort overigens zelf in te grijpen als een lid niet goed functioneert. Doet hij dat niet, dan hebben we een ander probleem. Dan functioneert de hele raad van toezicht niet. In zo’n situatie zijn er mogelijkheden om dat aan te kaarten bij óf de Ondernemingskamer (bij wanbeleid) óf de governancecommissie van het Scheidsgerecht (bij niet nakomen van de governancecode). Je hoeft niet te regelen wat al geregeld is. Overigens hebben wij uit de onlangs gehouden evaluatie wel begrepen dat de governancecommissie een goed bewaard geheim is. Daar gaan we dus wat aan doen. Ook de toegang tot die kamer gaan we uitbreiden, zodat een breder palet aan belanghebbenden zich ertoe kan wenden.”

Verantwoordelijkheid waarmaken

In het rapport constateert de RVZ een disbalans in de verhouding tussen raden van bestuur en medisch specialisten. Dat wordt herkend door de NVZ, die al langer van mening is dat raden van bestuur onvoldoende zeggenschap hebben over medisch specialisten om doeltreffend op te kunnen treden bij problemen. Als oplossing stelt de RVZ voor de Orde van Medisch Specialisten om te vormen in een publiekrechtelijke beroepsorganisatie (pbo) met verordenende bevoegdheden. “Daar zijn we het niet op voorhand mee eens,” zegt Van der Meeren. “We kunnen op dit moment de consequenties daarvan nog niet helemaal overzien, maar dit zou uitgelegd kunnen worden als nog meer macht voor de medisch specialisten. Het kan wat ons betreft niet zo zijn dat die pbo eenzijdig richtlijnen kan verordenen. Richtlijnen hebben immers nooit alleen maar een medisch-inhoudelijke kant maar moeten ook uitvoerbaar en betaalbaar zijn voor de ziekenhuisorganisatie.” De NVZ is van mening dat in ieder geval een deel van de oplossing ligt in een herzien model toelatingsovereenkomst. “De huidige toelatingsovereenkomst voldoet echt niet meer. We zullen een nieuwe moeten hebben die raden van bestuur adequate handvatten biedt om hun verantwoordelijkheid voor kwaliteit goed te kunnen waarmaken.” De NVZ is hierover al in goed gesprek met de Orde. Wij hebben er alle vertrouwen in dat wij met elkaar tot goede afspraken kunnen komen.

Haalbaar en betaalbaar

De RVZ pleit verder voor wettelijke basisnormen voor kwaliteit. “Mee eens,” zegt Van der Meeren. “Wij rekenen het ook nadrukkelijk tot onze verantwoordelijkheid om die te ontwikkelen. Het is inderdaad aan ‘het veld’ om die richtlijnen te ontwikkelen. Daarbij moet overigens wel de haalbaarheid en betaalbaarheid meegenomen worden om een succesvolle implementatie te garanderen. Dat de overheid met een hamerslag de ontwikkelde richtlijnen vaststelt, vinden we prima.” Bron NVZ

Reactie Orde van Medisch Specialisten, website 10 maart 2009

RVZ-rapport over kwaliteit van zorg signaleert een reëel probleem

De RVZ signaleert in haar rapport ‘Governance en kwaliteit van zorg’ dat de borging van de kwaliteit van h2. zorg structureel tekort schiet en dat de verdeling van verantwoordelijkheden onduidelijk is. Naar de mening van Orde en KNMG zijn dit reële problemen, waar de sector zelf verantwoordelijkheid voor heeft.
De RVZ verwijst naar incidenten in de zorg die zich de laatste jaren hebben voorgedaan en concludeert dat de borging van de kwaliteit van zorg structureel tekort schiet. De RVZ pleit voor het wettelijk regelen van basisnormen met betrekking tot kwaliteit, voor een repressiever overheidstoezicht, voor een versterking van de positie van de Raden van Toezicht en de Raden van Bestuur en voor het omvormen van de brancheorganisaties van artsen tot een publiekrechtelijke beroepsorganisatie met verordenende bevoegdheid (PBO).

De afgelopen jaren zijn binnen de zorgsector tal van nieuwe initiatieven ontwikkeld die van belang zijn voor de kwaliteit van zorg. Te denken valt aan het nieuwe model van kwaliteitsvisitaties van maatschappen en vakgroepen, aan het introduceren van intercollegiale evaluatiegesprekken voor medisch specialisten, aan de ontwikkeling van richtlijnen en kwaliteitsindicatoren en aan het patiëntveiligheidsprogramma binnen ziekenhuizen (waaronder systemen voor het melden en analyseren van incidenten). Ook de gedragsregels van de KNMG met betrekking tot openheid van artsen rond incidenten en fouten en het aanspreken van disfunctionerende collega’s zijn aangescherpt.

De incidenten van de afgelopen jaren laten echter ook zien dat er binnen de zorgsector kansen zijn gemist. De samenhang, de integratie en de borging van de verschillende kwaliteitssystemen kunnen beter. Ook is de verantwoording tekort geschoten, zowel in relatie bestuur-medisch specialist als tegenover het publiek.
Met de RVZ zijn Orde en KNMG van mening dat het duidelijk is dat de verantwoordelijkheden van ziekenhuisbesturen en die van de medisch specialisten beter op elkaar kunnen en moeten worden afgestemd. De integrale kwaliteit van zorg kan dan beter worden geborgd. Op deze en andere punten is nog veel vooruitgang te boeken. De Orde en de KNMG willen daarover duidelijke afspraken maken. Cruciaal is wel dat de eigen verantwoordelijkheid van de zorgsector voor de kwaliteit van de patiëntenzorg voorop blijft staan. Van verbeteringen op dat vlak valt meer te verwachten dan van repressieve maatregelen of rigide wetgeving.

De RVZ doet een aantal uitspraken over borging, transparantie en toetsbaar opstellen die zeker het overdenken waard zijn. Wel hebben Orde en KNMG sterke aarzelingen bij het voorstel om de medische brancheorganisaties de status van een PBO te geven. De zorgsector is naar de mening van deze organisaties te complex (veel multidisciplinaire zorg) en te heterogeen (in vergelijking met bijvoorbeeld advocaten en notarissen) om door middel van een PBO reële winst te kunnen boeken. Een PBO van artsen schept bovendien onduidelijkheid over de positie van de ziekenhuisorganisaties. Om aan medische richtlijnen juridische kracht te geven is een PBO niet nodig. Daarin voorziet de huidige wetgeving al.
Bron Artsennet

Reactie NPCF Klachtrecht nodeloos ingewikkeld 10 maart 2009

RVZ gebruikt cookies voor het registreren van de bezoekers en voor het goed laten functioneren van de site Akkoord Liever niet